|
Dumoulinkazerne: In 1937 wordt met de bouw van deze kazerne begonnen, als permanente verblijfplaats van de Genietroepen die tot dat moment op Hoogte 50 verbleven. Op het moment van de mobilisatie in augustus 1939 stonden de casco van de gebouwen er, maar was de kazerne nog niet af. De appelplaats werd al wel gebruikt voor o.a. beëdigingen. Bij het uitbreken van de oorlog in mei 1940 waren de pavilioens klaar, maar het wachtgebouw, het bureelgebouw, de kantine en het badgebouw nog niet. Na de gevechten ten oosten van Amersfoort kreeg het eerste en het vijfde Regiment Huzaren in de avond van 12 mei het bevel om terug te trekken achter de Grebbelinie en zich te verzamelen op de Geniekazerne te Soesterberg. Daar verbleven zij tot de avond van de volgende dag, waarna ze het bevel kregen om zich terug te trekken naar Haarzuilen. De Duitse bezetters vervolgden de werkzaamheden aan de Dumoulin-kazerne, die vrijwel meteen in gebruik werd genomen. In 1940-1941 voerden zij aanvullende bebouwing uit, op het kazerne terrein, maar met name ten zuiden ervan, waar een voertuigenpark en een munitiepark verscheen op de plek waar voorheen Kamp Hoogte 50 was. In met name de laatste 2 oorlogsjaren werden verschillende gebouwen beschadigd door bombardementen en beschietingen. In mei 1945 namen de Canadezen hun intrek, maar de herstelwerkzaamheden startten pas in de winter van '45/46 na het vertrek van de Canadezen. De Nederlandse Genie kwam na de oorlog weer in de kazerne, en vestigde hier de Genie-school voor de opleiding van het kader en specialisten. Met name de Mijnenschool en de Camouflageschool waren hier bekend van. Voor de rest gebruikten de Uitrustingstroepen de kazerne voor de opleiding van manschappen voor de uitzending naar Indië. Het duitse voertuigenpark ten zuiden van de DuMoulin-kazerne behield die functie als 1e voertuigenpark van de R.I.M.I. (Reparatie Inrichting en Materiaal Inspectie) van het Nederlandse leger. (Tekst is van Richard de Mos) |